Trainen voor krijgskunsten in de vakantie

In de vakantie heb je vaak meer vrije tijd. Helaas gaan veel (judo)scholen dicht of hebben een aangepast rooster. Voor mensen zoals ik een ramp. Je kunt de tijd misschien wel nuttig besteden, maar mist toch het trainen.

Gelukkig train ik tegenwoordig bij judo en Braziliaans jiujitsu verenigingen die gewoon trainen in de vakantie. Als kind werd ik helemaal gek in de vakantie toen de training echt nog zes weken stopte.

Daarom is deze blog een paar tips wat je kunt doen in de vakantie om lichaam en geest te blijven ontwikkelen, zodat je niet stilstaat en nog beter terugkomt van de vakantie. De tips zijn voor zowel jeugd als volwassenen. Helemaal leuk als je sommige activiteiten samen doet!

Herstellen

De vakantie is natuurlijk een prima moment om te herstellen. Ik gebruik hier bewust niet het woord ‘rusten’. Rust is een belangrijk onderdeel van herstellen, maar herstellen kan ook op andere manieren.

Gebruik de vakantie eens voor een bezoek aan een sportmasseur. Ik heb in de vakantie een extra behandeling bij de chiropractor genomen. Ook ga ik vaker lekker ontspannend uiteten of met vrienden weg. Plan zaken waar je normaal niet aan toekomt of te weinig doet.

Soms is het lekker om een of meerdere weken helemaal niet te trainen, zodat kleine blessures kunnen herstellen. Als trainen mogelijk is waarbij de blessure volledig wordt ontzien is dat natuurlijk wel een optie, bijvoorbeeld ju-no-kata op het strand. Ik heb vaak dat ik na een korte herstelperiode sterker op de tatami terugkom en mijn geest meer openstaat voor nieuwe ideeën.

Het is soms lekker om even minder aan trainen te denken. Na een paar dagen herstel verlang ik elke dag meer naar de training. Het is een mooi moment om bewust te worden van wat krijgskunsten voor mij betekenen en daar dankbaar voor te zijn.

Yoga

Sinds een paar maanden kan ik yoga volgen via mijn werk. Ik merk dat het een positief effect heeft op mijn lenigheid en herstel na trainingen en sommige ‘poses’ vereisen veel balans. Allemaal positieve kwaliteiten voor krijgskunsten.

Er zijn verschillende vormen van yoga. Sommige yoga-vormen zijn zweverig en andere vormen heel praktisch. Sommige stijlen zijn heel rustig, terwijl andere stijlen inspannend zijn. Iedereen kan zelf ontdekken wat prettig is voor hem of haar via een paar proeflessen.

Ik heb ook de website Yoga for BJJ (Engels) leren kennen via een paar vrienden. Dit kun je eerst proberen als je niet direct naar een yogaklas wilt. Een introductie is gratis beschikbaar. De website is gericht op Braziliaans jiujitsu, maar instructeur Sebastian Brosche heeft lang judo beoefend.

Cross training

Kun je de krijgskunsten echt niet loslaten? Dan kun je natuurlijk op musha shugyō. Ik leer altijd enorm door het beoefenen van andere stijlen (cross training). In de vakantie heb ik extra tijd besteed aan het trainen bij verschillende leraren.

Je zou kunnen kijken bij Braziliaans jiujitsu, iaidō, sambo of bijvoorbeeld een stijl van (kick)boksen. Jigorō Kanō was ook geïnteresseerd in het bestuderen van andere stijlen.

Ik vond het bijvoorbeeld erg leerzaam om een echt zwaard te trekken, want op de manier zoals ik dat vroeger deed in het Kōdōkan kime-no-kata met de bokken kan helemaal niet. Daarnaast wordt mijn ne-waza steeds veelzijdiger door het beoefenen van Braziliaan jiujitsu.

Wil je liever op jouw ‘eigen’ krijgskunst focussen? Dan kun je in overleg bij een andere leraar meekijken en je kunt eens een andere tactiek toepassen tijdens de training. Bij judo maak ik bijvoorbeeld graag armklemmen. Tijdens de vakantie had ik als doel gesteld alleen naar verwurgingen toe te werken. Het leuke is dat je jezelf uitdaagt om op een andere manier te trainen, hopelijk net buiten je ‘comfort zone’.

Lees meer in mijn blog Pelgrimstocht van een judoka.

Klimmen en boulderen

Slackline
Voorbeeld van een slackline.

In de vakantie heb ik geklommen op een klimwand, waar je ook kon boulderen en balanceren op een slackline. Dit is geweldig om op een andere manier met balanstechniek en kracht bezig te zijn. Probeer maar eens met zo min mogelijk inspanning (seiryoku zen’yō) een parcours af te leggen! Mentaal kan het zwaar zijn om door te gaan als je spieren verzuren. Goed voor de ontwikkeling van lichaam en geest.

Het is ook supergoed voor je ‘grips’. Je ontwikkelt enorm veelzijdige, stevige houvast met je handpalm, vingers en duimen. Vooral als je half ondersteboven hangt en je benen niet goed kunt gebruiken als afzet! Een stevige grip is geweldig voor een goede kumi-kata in het judo.

Lezen

In de vakantie lees ik veel. Het is een goede manier voor het ontwikkelen van de geest. Je kunt van alles lezen, waardoor je budo beter kunt toepassen op de tatami en in het dagelijks leven. Denk bijvoorbeeld aan het boek Mind over Muscle van Jigorō Kanō, verplichte kost voor elke judoka.

StuderenUiteraard kun je ook boeken over kata en techniek bestuderen, zoals Judo Formal Techniques en Jiu-jitsu University. Voor de ontwikkeling zijn het beste boeken die aanzetten tot denken of actie, bijvoorbeeld boeken over filosofie. Een aanrader is Nietzsche als opvoeder.

Zelfhulpboeken kunnen nuttig zijn als ze aanzetten tot handelen. Deze vakantie heb ik Helweek gelezen. Een boek dat je uitdaagt een week diep te gaan om doelen te bereiken. Ik weet niet of ik de ideeën in het boek volledig ondersteun. Dat wil ik uitvinden door een helweek te plannen binnen twee maanden, zodat ik uit ervaring kan spreken.

Mijn belangrijkste punt is dat boeken goed voor de ontwikkeling zijn als je er actief mee bezig aan de slag gaat. Pas dan leidt het tot mentale of lichamelijke ontwikkeling. Als je passief leest, past dit meer onder herstellen.

Mediteren

Mediteren is goed voor het bewustzijn. De voordelen van mediteren zijn groot. Het is goed voor de ademhaling en ruggengraat. De geest kan er meer ‘open’ van worden en je kunt je beter concentreren.

Sommige mensen krijgen zweverige beelden bij meditatie, maar het kan heel praktisch zijn. Net als bij yoga heb je veel verschillende vormen en kun je proberen wat het beste bij jou past. Alleen door te doen, kun je ervaren wat het voor jou betekent.

Ik heb goede ervaringen met zen bij Raoul Destrée. Hij heeft een beginnerscursus in Den Haag van 12 of 16 lessen. Als je naast de lessen zelf regelmatig thuis mediteert, heb je na deze cursus een eerste indruk van meditatie.

Trouwens is het goed om regelmatig te mediteren, niet alleen tijdens de vakanties. Lees mijn blog over Mokuso, als meditatie je aanspreekt.

Fitness

Een beetje een climax. In de vakantie kun je natuurlijk prima extra fitnessen met cardio- en krachttraining. Let hierbij op dat je het wel onder goede begeleiding doet, zodat je jezelf niet overbelast. Over verantwoord trainen kun je veel lezen op de website Eigen Kracht.

Ik hoor veel over Crossfit als aanvullende training voor Braziliaans jiujitsu. Hier heb ik zelf weinig ervaring mee. Ik heb gelezen dat het risico op blessures door overbelasting en slechte techniek groter is, dankzij de grote inspanning en variatie in oefeningen. Zorg dus voor een goede trainer en let goed op jezelf en anderen.

Reizen

Last but not least, in de vakantie kun je natuurlijk de wereld over. Reizen maakt je wereld groter en is het een voordeel dat je het kunt combineren met alle bovenstaande activiteiten.

Reizen is fataal voor vooroordelen, onzin en tunnelvisie.Mark Twain

In mijn eigen reizen heb ik veel geleerd. Japan heeft mij veel geleerd over de cultuur waar veel traditionele krijgskunsten uit zijn ontstaan en ik heb er getraind onder leiding van judoexperts.

Ik heb ook zenretraites gevolgd in een klooster in België waar ik heel veel over mijzelf heb geleerd. In Ierland heb ik meerdere malen lesgegeven aan grote groepen in het Engels, waardoor mijn taalvaardigheden zijn verbeterd. De mogelijkheden met reizen zijn eindeloos.

Deze vakantie lees ik het boek van Christian Graugart, beter bekend als de BJJ Globetrotter. Dat is een inspirerend voorbeeld van een musha shugyō, waarin hij gedurende een paar maanden in vele landen reist en lesgeeft in Braziliaans jiujitsu. Het boek is gratis te downloaden en een echte aanrader.

Tot slot

Sebastiaan Fransen en Mount FujiIn de vakantie kan ik altijd heerlijk herstellen, lichaam en geest, door bovenstaande activiteiten. Ik kan lekker variëren, waardoor ik word geprikkeld te groeien.

Het is ook een moment om terug te kijken op wat ik hebt bereikt en nieuwe doelen te stellen voor de komende periode, zodat ik bewust bezig ben met mijn ontwikkeling.

Wat betekent vakantie voor jou? Wat doe je dan het liefst? Helemaal niet trainen of juist extra? Wat moet volgens jou echt worden toegevoegd aan het bovenstaande lijstje. Heeft iemand ervaring met surfen?

Dromen over sushi en het vinden van jouw passie

Mijn blogs laat ik meestal proeflezen door experts. Laatst kreeg ik een interessante reactie van Richard de Bijl op een blog. Hij is namelijk nog steeds bezig met het ontwikkelen van zijn judo en lesgeven op 64-jarige leeftijd.

Jiro Dreams of Sushi

Ik moest denken aan de film over Jirō Ono, Jiro Dreams of Sushi. Een prachtige documentaire over een chefkok van een restaurant in het hart van Tokio met slechts tien zitplaatsen. De man is in de film inmiddels op 85-jarige leeftijd en streeft nog steeds naar verbetering.

Jirō heeft drie Michelinsterren en voor zijn sushirestaurant moet je maanden van tevoren reserveren. Toch is hij nog altijd op zoek naar verbetering vergelijkbaar met een budoka. In Japan heet dit kaizen. Dit continue streven naar progressie leidt tot een creatief en vitaal leven. Het straalt van Jirō Ono af in deze prachtige documentaire.

Ik wil iedereen van harte aanraden eerst de film, waarbij het water in de mond loopt, te bekijken en dan pas deze blog verder te lezen. Op deze manier kun je je eigen mening vormen over de film en de prachtige verhalen van Jirō en zijn omgeving. Aan de film heb ik veel mooie ideeën overgehouden en ik wil er een paar delen. Lees verder Dromen over sushi en het vinden van jouw passie

Is er genoeg begrip van kata?

In april 2009 bezocht ik voor het eerst Japan. Een droom die uitkwam. Naar het geboorteland van judo. De reis stond in het teken van kennismaken met de rijke Japanse cultuur.

Nanzen-ji in Kioto
Nanzen-ji in Kioto

Geen moment heb ik spijt gehad. Alle verwachtingen werden waargemaakt of overtroffen. Alsof je door een groot openluchtmuseum wandelt met prachtige natuur en cultuur.

Uiteraard kon een bezoek aan de oude hoofdstad niet ontbreken. In Kioto hadden we een luxe hotel geregeld. Vanuit daar bezochten we alle prachtige tempels die Kioto rijk is en maakten uitstapjes naar onder andere Nara, Himeji en Hiroshima.

Geisha, geiko en maiko

Vooraf hadden we uitgezocht dat de mooiste geisha uit Kioto komen, niet uit China zoals sommige filmproducenten denken. In april is er een geisha-festival toegankelijk voor toeristen. Normaliter moet je worden geïntroduceerd voor het bijwonen van een geisha-performance, maar voor deze voorstelling kun je kaarten kopen.

Vooraf hadden we nog geen kaartjes voor de voorstelling, dus enthousiast vroeg ik in mijn beste Engels aan de toeristenbalie van het hotel om kaartjes voor de geisha. Naast mij stond mijn judoleraar Jennifer en de vrouw van de balie keek haar argwanend aan.

De baliemevrouw keek nog eens strak naar Jennifer en vroeg of ik daadwerkelijk op zoek was naar geisha. Wij benadrukte dat dit inderdaad het geval was, waarna de baliemevrouw Jennifer vroeg of zij dat wel goed vond.

Enigszins verbaasd vroegen we de Japanse waarom dit zo’n rare vraag was. Al snel werd duidelijk dat ze dacht dat ik naar een ander soort vermaak opzoek was. In Kioto noemen deze vrouwen zich daarom tegenwoordig geiko en maiko, omdat geisha (vooral Amerikanen) door buitenlanders worden geassocieerd met prostituees. Ik benadrukte dat ik op zoek was naar ‘echtegeisha.

De balievrouw toverde nu een mooie glimlach op haar gezicht: “Wat mooi dat jullie interesse tonen in onze cultuur.” De kaartjes waren geregeld en onze hartslag steeg. Deze vakantie gingen we naar de Miyako Odori, een voorstelling met ‘echte’ geiko.

De voorstelling, omote en ura

Geisha, geiko, maiko Op de dag zelf werd eerst een theeceremonie voorgeschoteld, terwijl we wachtten in een lange rij. Ook de Japanners komen massaal af op de Miyako Odori.

In de zaal vallen we als de voorstelling begint van de ene in de andere verbazing. Prachtige vrouwen in kimono, mooie dans en muziek. Er zit een verhaal (ura) in waarvan we de grote lijnen proberen te volgen. Maar we genieten vooral van de vorm (omote).

In de pauze raken we aan de praat met een Japanse man op leeftijd. Hij vraagt beleefd of we Japans praten. Als wij vervolgens nee knikken, schiet hij in de lach: “Wat doen jullie hier dan?”

Wij leggen uit dat we de voorstelling prachtig vinden. De man knikt instemmend. Eerst krijgen we volop lof en complimenten voor onze interesse in de Japanse cultuur en vervolgens pakt hij het programmaboek. Hij neemt ons door de voorstelling en het verhaal.

Nu snappen we nog beter de grote lijnen van de voorstelling, maar ook weer niet. De man heeft het goed uitgelegd. Echter, wij weten te weinig van de Japanse geschiedenis, cultuur en taal om alles in de juiste context te plaatsen.

Na het hartelijk bedanken van de Japanse man, was het tweede deel van de voorstelling subtiel anders door de nieuwe kennis na het gesprek met de oude man. Een beetje vergelijkbaar met mijn verhaal over Klassiek en romantiek. Als je meer details kent, kijk je anders naar de dingen. Natuurlijk genoten we ook het tweede deel volop van de geiko en maiko.

De relatie met judo

Dit vind ik een leuke anekdote over een van mijn bezoeken aan Japan, het is een lange inleiding geworden tot de kern van mijn verhaal. Het kwam tot mij na het lezen van het boek Hidden in Plain Sight van Ellis Amdur.

Hij is een interessante auteur. Ellis gaat in zijn boek op zoek naar de wortels van traditionele gevechtskunsten en “innerlijke kracht”. Er wordt een aantal malen gerefereerd naar Jigorō Kanō en zijn Kōdōkan judo. Kanō deelt een stuk geschiedenis met Morihei Ueshiba en aikidō.

Ellis vraagt zich openlijk af of Kanō voldoende kennis had van Kitō-ryū (koshiki-no-kata) en Tenjin Shin’yō-ryū (itsutsu-no-kata) om de kata over te nemen of dat er inzicht verloren is gegaan in het proces van jūjutsu naar judo, zoals de mogelijke innerlijke kracht die aanwezig is in de kata van Kitō-ryū.

Na Jigorō Kanō is het kata vervolgens vele malen overgedragen van leraar op leerling. In dit proces legt elke leraar accenten op andere aspecten van het kata, waardoor andere aspecten wellicht onderbelicht en vergeten zijn.

Een mooi voorbeeld is een vergelijking tussen Kitō-ryū kata en Kōdōkan koshiki-no-kata. Met hierbij de aantekening dat het Kitō-ryū kata ook al meerdere malen is overgedragen en de uitvoerder van het kata op respectabele leeftijd is.

Zijn de verschillen bewust gemaakt door Jigorō Kanō? Zijn sommige verschillen gemaakt omdat Kanō bepaalde aspecten anders interpreteerde? Zijn sommige verschillen ontstaan in de overdracht van leraar op leerling? Hebben leraren na Kanō hun eigen stempel willen drukken op bepaalde kata?

Uiteraard kun je een dergelijke analyse op alle kata en waza loslaten.

Enge visie op kata

Nu kun je je afvragen: is dit belangrijk? Als je een enge visie op kata hebt, dan niet. Je doet gewoon de bewegingen na van de Kōdōkan-dvd en je haalt weer een mooi bandje of een glimmende medaille.

Echter, Jigorō Kanō ontwierp kata ooit om belangrijke principes van judo over te brengen. Het is dus veel interessanter om te begrijpen waarom de kata op een bepaalde manier zijn bedacht en gewijzigd. Wat betekent dit voor de principes in het kata? Wat is er verloren gegaan of is het kata rijker geworden?

Helaas is kata bestuderen erg moeilijk. De randori-no-kata zijn nog redelijk grijpbaar voor moderne judoka, maar bijvoorbeeld koshiki-no-kata is erg complex.

Er zijn weinig tot geen judoka op deze wereld met voldoende kennis van geschiedenis, cultuur en taal om het vechten in harnas volledig te doorgronden. Wie heeft er ooit echt gevochten in een harnas? We moeten het hebben van historische bronnen, maar kunnen we deze volledig juist interpreteren?

Terug naar de anekdote

Kunnen we kata nog steeds gebruiken als studiemiddel voor het leren van de judoprincipes? Het is lastig met alle barrières in geschiedenis, cultuur en taal.

We kunnen onze best doen door samen te werken en bronnen te delen. Niet kijken wie gelijk heeft, maar zoeken naar begrip van riai. Zo ver mogelijk terug naar de oorsprong en dit verrijken met de kennis van nu. “Treed niet in de voetsporen van de oude meesters, zoek waarnaar zij zochten.”

Een andere mogelijkheid is loslaten en genieten van de voorstelling, zonder dat we het volledig begrijpen. Zoals bij de Miyako Odori. In het ergste geval oefenen we alleen omote en krijgen we een mooie nieuwe obi of een applaus van het publiek.

Of misschien is er een oude Japanse man die ons de grote lijnen van het verhaal (ura) in kata vertelt. Kunnen we dit aanvullen met oude bronnen en moderne kennis voor een beter begrip? Zodat we de riai van kata en judo beter begrijpen en daarmee een zinvolle betekenis geven aan de beoefening van kata.

Is het genoeg?

In het voorwoord van het boek van Ellis Amdur staat een mooi verhaal om eens een dag, week, maand of jaar over te filosoferen:

De Baal Shem Tov liep het bos in, zong de liederen en sprak de gebeden, en vond de Heilige Geest, Gezegend Is Zijn Naam. Zijn student vergat de weg naar het bos, maar hij herinnerde zich de liederen en sprak de gebeden, en het was genoeg. De studenten van zijn student vergaten de liederen, maar spraken de gebeden en het was genoeg. We weten niet langer onze weg naar het bos en we zijn de liederen vergeten, we spreken onze gebeden, weten niet langer de exacte woorden, maar het is nog steeds genoeg.
Hidden in Plain Sight (Ellis Amdur)

Is het genoeg?

Met dank aan Loek van Kooten voor het proeflezen.

Sadako Sasaki

Vandaag op 4 en 5 mei moet ik denken aan mijn indrukwekkende bezoek aan Hiroshima. Hier is de eerste atoombom gevallen. Zeer ontdaan heb ik met kippenvel door het park en bijbehorende museum gelopen. Vooral het verhaal van Sadako Sasaki maakte een diepe indruk op mij. Graag deel ik dit verhaal en hoop ik dat we even stilstaan bij de vrede en goed voor elkaar blijven zorgen in de wereld.

Sadako Sasaki
Sadako Sasaki

Sadako Sasaki was twee jaar op 6 augustus 1945 toen een Amerikaanse atoombom werd gebruikt tegen Hiroshima. Ze was op zo’n anderhalve kilometer afstand van het hypocentrum. Gelukkig overleefde Sadako deze aanslag op de mensheid, ogenschijnlijk zonder grote verwondingen.

Het meisje groeide gezond en sterk op en was een van de talenten van het estafetteteam. Echter, na tien jaar blijkt in de herfst van 1955 dat Sadako leukemie heeft. De daaropvolgende februari wordt ze opgenomen in het ziekenhuis.

Daar hoort ze de Japanse legende dat als je duizend kraanvogels vouwt je een wens mag doen. Het meisje leert origami en begint met het vouwen van kraanvogels. Ze heeft voldoende vrije tijd, maar weinig papier. Vrienden en klasgenootjes nemen gelukkig papier mee en ze struint kamers af voor papier van zusters en andere patiënten.

Genbaku Dōmu
Genbaku Dōmu (Atoombomkoepel) ter nagedachtenis aan de slachtoffers van de atoombom in Hiroshima.

Haar wens is dat ze weer gezond wordt en Sadako hoopt daarbij ook dat alle andere kinderen met leukemie een wens mogen doen. Dat iedereen leeft in vrede zonder lijden.

Het lukt haar meer dan duizend kraanvogels te vouwen, maar na een ziekbed van acht maanden overlijdt ze helaas alsnog aan de gevolgen van de atoombom. Sadako wordt begraven met haar eigen kraanvogels en zo’n duizend kraanvogels gevouwen door vrienden en klasgenoten.

Na haar dood gaan haar vrienden en klasgenoten verder. Ze schrijven brieven naar diverse instanties voor geld om een monument te bouwen voor Sadako Sasaki. Het is ze gelukt en nu staat op de plaats waar de atoombom viel een beeld van het meisje. Met dank aan donaties vanuit heel Japan en andere landen.

This is our cry. This is our prayer. Peace in the world.

Sadako Sasaki
Het beeld van Sadako Sasaki die een kraanvogel vasthoudt voor vrede in de wereld.

Het beeld, waarbij het meisje een kraanvogel vasthoudt, herdenkt alle onschuldige mensen die zijn overleden aan de gevolgen van een atoombom. Op het beeld staat de tekst: “This is our cry. This is our prayer. Peace in the world.” (“Dit is onze schreeuw. Dit is ons gebed. Vrede op aarde.”)

Nog jaarlijks worden er vele kraanvogels opgestuurd en gebracht naar het beeld door schoolklassen vanuit heel de wereld, vooral in de opbouw naar de jaarlijkse dag van de op 6 augustus. Het is ook een populaire plaats voor scholen voor geschiedenisles over de oorlog en de atoombom. Uiteraard weten toeristen het Hiroshima Peace Memorial Park te vinden.

De vrede is mooi. Het geeft ons de vrijheid om prachtige dingen te doen, zoals het bestuderen van de krijgskunsten. Bovenal schenkt het ons de mogelijkheid tijd door te brengen met de mensen van wie we houden. Laten we daarom vandaag stilstaan bij de vrede en jita kyōei toepassen in het dagelijks leven.