Een beetje Zen en lol trappen in Polen

Click here for the English version

Sebastiaan op BJJ Globetrotters Zen Camp 2018
Photo by Stevie Antoniou

Daar rijden Marie-José en ik in onze gehuurde Renault Clio over de Poolse snelwegen. Bijna een jaar lang hebben we hier naar uitgekeken. Na een omleiding en nog meer snelweg verandert plots de omgeving in slechte, hobbelige wegen tussen bomen met vurige herfstkleuren. We zijn onderweg naar Dojo Stara Wieś ergens in Polen voor het BJJ Globetrotters Zen Camp.

De bestemming is een klein dorpje gebouwd in Japanse stijl. Het ligt in een rustige, bosrijke omgeving en beschikt over een prachtige dōjō. Alles is hier gebouwd met één doel: het beleven van budō.

BJJ Globetrotters Zen Camp

Ergens was ik bang dat door mijn torenhoge verwachtingen het Zen Camp van BJJ Globetrotters een beetje zou tegenvallen. Gelukkig verdween dit gevoel direct bij aankomst. De overweldigende locatie maakte alle verwachtingen waar.

Dit kamp staat in het teken van aandacht voor lichaam en geest. Ze worden beiden gestimuleerd door de afwisseling van beweging met stilte en rust. Ondertussen worden we ondergedompeld in de wereld van Braziliaans jiujitsu en grappling.

Een beetje lol trappen

Elke dag begint met een heerlijk ontbijt gevolgd door een uitgebreide yogales van Yogi Jack. Dit creëert direct het juiste gevoel voor de rest van de dag. Vervolgens kiezen we uit de vele workshops op de mat, lezingen naast de mat en het deelnemen aan de open mat. Of gewoon even relaxen met nieuwe vrienden, een boswandeling maken, een bezoek aan de spa of lekker liggen in een hangmat. Iedereen bepaalt zijn eigen tempo tijdens dit kamp.

Sebastiaan op BJJ Globetrotters Zen Camp 2018
Photo by Christian Graugart

Vooral de open mat is bijzonder. Je kijkt rond en ziet iemand anders lopen. Even handen klappen gevolgd door een boks en vervolgens ben je samen aan het ‘rollen’. Het is ongelofelijk om met meer dan honderd verschillende personen op een mat bezig zijn met een gezamenlijke passie.

Het maakt niet uit welk geslacht, leeftijd, nationaliteit, geloof, seksuele voorkeur en graduatie de persoon heeft. Je leert sparren met hele verschillende stijlen, allemaal met hun eigen voorkeuren. Door de interactie tijdens de open mat leer je in korte tijd enorm veel van elkaar. Daarnaast ontstaan er op en naast de mat mooie vriendschappen tussen gelijkgezinden. Een buitengewone belevenis.

Christian Graugart

Sebastiaan op BJJ Globetrotters Zen Camp 2018
Photo by Stevie Antoniou

Het is bijzonder dat dit allemaal door één man is bedacht. Het wilde idee van Christian Graugart is werkelijkheid geworden, omdat hij elke keer iets moois wil creëren uit chaos. Het Zen Camp en de BJJ Globetrotters community zijn mooie voorbeelden van succesvolle projecten.

Tijdens dit kamp gaf hij een lezing over zijn methode “Create Something”. Hoe werk je een idee uit tot iets moois? Een zeer inspirerende sessie waarvan ik mijn aantekeningen zeker in de praktijk ga brengen.

“It’s almost like all you guys care about is having fun”

In de lezing zit een anekdote van Christian waarin hij ervan wordt beschuldigd dat hij alleen maar plezier wil maken. Hij neemt volgens boze tongen het jiujitsu niet serieus. Dit sprak me erg aan.

Ik ben er al jaren van overtuigd dat ik het meeste heb geleerd door gekke capriolen (“Björn, denk je dat dit ook kan?”). Ook in Polen heb ik wederom ervaren dat je prima spelenderwijs kunt leren met veel plezier. Het gaat hand in hand samen.

Final kumite

Sebastiaan op BJJ Globetrotters Zen Camp 2018
Photo by Stevie Antoniou

Zodoende kwam ik deze reis naar Polen weer even tot de kern van mijn liefde voor budō. Het gaat niet om de mensen die het misbruiken voor een gevoel van macht of andere onzinnige doeleinden, waardoor ik me soms vervreemd voel van bepaalde organisaties en mensen.

Het gaat om het delen van onze mooie krijgskunsten en vechtsporten met anderen, ongeacht geslacht, leeftijd, nationaliteit, geloof, seksuele voorkeur en graduatie. Nieuwe vriendschappen maken en samen groeien op onze eigen weg. Gave ideeën bedenken en realiseren. Eigenlijk gewoon een beetje lol trappen met z’n allen…

Een duizendpoot, een pad en judo

Een hele tijd geleden bladerde ik in een boek van mijn bonuskinderen. Ik kan helaas niet terugvinden hoe het boek heet. Er staat in het boek een mooi verhaal over een duizendpoot en een pad.

‘Er was eens een duizendpoot die fantastisch kon dansen met al haar duizend poten. Als ze danste, kwamen alle dieren uit het bos kijken. En iedereen was diep onder de indruk van de prachtige dans. Maar een dier vond het niet leuk dat de duizendpoot danste. Dat was een pad…’

‘Die was natuurlijk gewoon jaloers.’

‘“Hoe kan ik ervoor zorgen dat de duizendpoot niet meer danst?” dacht de pad. Hij kon niet gewoon zeggen dat hij de dans niet mooi vond. Hij kon ook niet zeggen dat hij zelf beter danste, dat zou belachelijk klinken. Toen broedde hij een duivels plan uit.’

‘Vertel op!’

‘Hij schreef een brief aan de duizendpoot. “O onovertroffen duizendpoot!” schreef hij. “Ik ben een toegenegen bewonderaar van je prachtige danskunst. Ik zou graag willen weten hoe je dat doet. Is het zo dat je eerst linkerbeen 228 optilt en dan rechterbeen 59? Of begin je de dans door rechterbeen nummer 26 op te tillen voordat je rechterbeen nummer 449 optilt? Ik ben zeer benieuwd naar je antwoord. Groetjes, de pad”.’

‘Allemachtig!’

‘Toen de duizendpoot de brief kreeg, begon ze er meteen over na te denken wat ze nu eigenlijk deed als ze danste. Welke poot bewoog ze het eerst? En welke poot daarna? En wat denk je dat er gebeurde?’

‘Ik denk dat de duizendpoot nooit meer gedanst heeft.’

‘Ja, zo liep het af. Zo gaat dat wanneer de fantasie wordt verstikt door het verstandelijk redeneren.’

Wat is de moraal van het verhaal? Ik zie er een paar wijze lessen in.

Het is belangrijk dat we niet alles ‘dood’ redeneren. Het principe seiryoku zen’yō kan er toe leiden dat we blijven analyseren, waar we ook moeten ervaren. Perfectie is onmogelijk, want het kan altijd beter.

Echter, het verstandelijk redeneren beperkt de fantasie. Analyseren leidt er toe dat je niet in een flow raakt. De schoonheid en vrijheid van het bewegen kan verloren gaan. Uiteindelijk is er meer inspanning nodig voor een maximaal resultaat. Daarom is een goede balans tussen analyseren en ervaren belangrijk.

In de film “The Last Samurai” zit een mooie scène die dit illustreert. “Too many mind.”

De pad speelt ook een interessante rol in het verhaal. Hij drukt uit waarom het andere judoprincipe “jita kyōei” belangrijk is. Als je een vraag stelt of feedback geeft, dan is het doel de ander helpen of zelf leren. Als het alleen is voor het bevredigen van het eigen ego, kunnen we waarschijnlijk beter ons mond houden en onze eigen gedachten onderzoeken. Hierover schreef ik eerder in “Een leven lang leren”.

Ik vind het een veel mooiere gedachten dat we de duizendpoot complimenteren voor de schoonheid van haar dans en het plezier dat zij de anderen dieren schenkt. We kunnen kiezen voor het altijd analyseren, een mogelijke verbetering zien en de ander bekritiseren. Of we kunnen het verstandelijk redeneren af en toe beperken en de fantasie de vrije loop laten. Genieten van het moment.

Herken je dit ook in het verhaal? Zie je er nog andere wijsheden in? Laat het weten in de reacties…

De geest van een beginner

Zoals gepubliceerd in het NVJJL Budomagazine (december 2017).

ShoshinEen goede leraar is een expert. Hij heeft vaak jaren gewerkt aan het aanscherpen van zijn kennis en vaardigheden. Hij is door schade en schande wijs geworden. Door het proberen van vele mogelijkheden heeft hij ontdekt wat wel en niet werkt en heeft zodoende veel ervaring opgedaan. Deze ervaring is zeer waardevol voor andere judoka.

Op basis van zijn ervaring kan de leraar anderen coachen. Hij kan een judoka voor bepaalde valkuilen behoeden of ze juist bewust laten ervaren en helpen met reflecteren. Een goede leraar vertelt soms letterlijk hoe een bepaalde techniek moet worden uitgevoerd. Andere keren vertelt hij alleen waar de judoka moet zoeken en laat hij hem of haar in het ongewisse. Uiteraard kan hij ook coachen op andere vlakken, zoals een goede mindset en het delen van levenswijsheden.

Ervaring is dan ook een geweldig bezit. Echter, het brengt ook risico’s met zich mee. Er kan een gevoel ontstaan dat men alles al weet. De leraar groeit zelf niet meer in zijn kennis en vaardigheden, omdat hij is gebonden door een vast patroon van ideeën. Een ōsotogari kan bijvoorbeeld alleen nog op zijn manier.

Door een starre houding doet de leraar de judoka en zichzelf tekort. Hij kan namelijk nog steeds groeien als hij blijft openstaan voor het verkennen van nieuwe mogelijkheden. Het volgende citaat van Friedrich Nietzsche inspireert mij altijd: “Waarheden zijn illusies waarvan men vergeten is dat het illusies zijn.”

Hoe kan een expert open blijven staan voor vernieuwing? Nieuwe ideeën kunnen zich in verschillende vormen manifesteren. Een beginnende judoka kan bijvoorbeeld vragen of een techniek ook op zijn manier kan worden uitgevoerd. Misschien is de eerste gedachte van een ervaren judoleraar: “Nee, het hoort op mijn manier.”

Kan het ook zijn dat de ‘beginner’ een andere of betere manier heeft, omdat hij niet wordt gehinderd door ervaring (vaak vergezeld met vooroordelen)? De leraar kan dit samen met de judoka onderzoeken. Wellicht is de andere manier even goed of zelfs beter. Dan is het een win-winsituatie. De judoka en judoleraar groeien allebei.

Een ander voorbeeld. Een judoleraar wordt tijdens workshops regelmatig geconfronteerd met een nieuw idee. Hoe moeilijk is het onderzoeken met een open geest van nieuwe ideeën? Ervaring wil deze zo graag bij voorbaat onzinnig verklaren. “Het heeft voor mij altijd zo gewerkt, dus waarom zou het op een andere of zelfs betere manier kunnen?” Kan de expert de geest van beginner aannemen en de mogelijkheden met een open geest zonder vooroordelen uitproberen?

Het is de kunst om tussen de geest van een expert en beginner te schakelen. De expert kan bepaalde valkuilen vermijden, omdat hij reeds vele mogelijkheden heeft geprobeerd. De beginner kan daarentegen ongehinderd door ervaring opgaan in het moment en vele mogelijkheden zien. Ook mogelijkheden die de expert op basis van zijn ervaring over het hoofd ziet. Op deze manier hebben beide mindsets hun waarde.

Als je geest leeg is, is hij altijd gereed tot iets; hij is open voor alles. In de geest van de beginner zijn er vele mogelijkheden, in die van de ervarene maar enkele.Shunryū Suzuki

Hoe belangrijk is een band in budo?

Laatst las ik een blog van Christian Graugart op BJJ Globetrotters. BJJ Globetrotters is een netwerk van mensen die de wereld rondtrekken en Braziliaans jiujitsu beoefenen zonder zinloze politiek. Zijn blog resoneerde met mij.

Ik heb een klein stukje vertaald. Het gaat over hoe graduaties het gedrag van de drager kunnen beïnvloeden. Sommigen hangen niet een band, maar een gevoel van eigenwaarde om hun middel. Hun band symboliseert niet langer een bepaald niveau van vaardigheid en karakter. Het geeft ze een vals gevoel van macht.

Door banden kunnen volwassen mensen zich heel raar gedragen en het probleem – naar mijn mening – ontstaat wanneer dit verandert in politiek, het vertellen wat een volwassene wel of niet mag doen. Het ruïneert vriendschappen. Verspreidt negatieve golven. Creëert ongezonde rivaliteit. Mensen zijn zichzelf niet meer. Ze likken zich naar boven of kijken neer op mensen op basis van hun graduatie. Ze begrenzen mensen in hun sociale interactie met potentiële, nieuwe vrienden. Maken mensen hebberig.
Christian Graugart

Laat me vooropstellen: graduaties zijn op zichzelf niet goed of slecht. Een band mag je trots op zijn. Het is vaak een prestatie na hard werken aan jouw vaardigheid en karakter. Zeker de hoge graduaties vragen een budoleven vol toewijding en doorzettingsvermogen als je ze op een eerlijke wijze wilt verdienen. Hierbij moet je trouw zijn aan jezelf en de principes van jouw vechtkunst.

Normaal zijn hogergegradueerden dan ook voorbeelden. Ze zijn gelijkwaardig als mens, maar hebben bijna bovenaardse vaardigheden en een goed karakter. Dit komt omdat ze reeds jarenlang trainen en leven volgens de principes en waarden in hun do-vorm. Het zijn voorbeelden waar je graag van wilt leren.

Het gaat echter mis met graduaties als de drager zijn band misbruikt voor een vals gevoel van macht. Zelfs bij de do-vormen zoals judo, waarbij de vorming van een goed karakter belangrijk is, komt dit helaas ook voor. Deze mensen raken de judoprincipes uit het oog en kijken neer op mensen met een lagere graduatie. Ze denken dat ze iemand mogen beledigen of minderwaardig behandelen. Ze laten zich soms zelfs verleiden tot politieke spelletjes.

De band is niet langer om hun gi< bij elkaar te houden. Het is een relikwie om hun ego te strelen.

With great power comes great responsibilityIk moest denken aan de stripboeken van Spiderman waarin de volgende spreuk staat: “Met grote kracht, komt grote verantwoordelijkheid.”

Vooropgesteld dat een band slechts aangeeft hoe ver iemand is op zijn of haar weg en geen bijzondere krachten geeft, laat elke persoon met een graduatie verantwoordelijkheid nemen en een voorbeeld zijn voor anderen. Een voorbeeld van prachtige vaardigheid in randori en kata en bovenal een mooi, oprecht karakter. De grote kracht is namelijk dat je mensen inspireert om ook te blijven groeien op de weg.

Ikzelf probeer zoveel mogelijk van politiek weg te blijven. Liever blijf ik proberen om judo op zijn best uit te dragen. Soms lukt het fantastisch, soms met vallen en opstaan. Als het beter kan, laten we hier elkaar dan op een respectvolle manier op wijzen. Op deze manier blijven we vol bewondering voor de hogergegradueerden en elkaar behandelen volgens jita kyōei, wederzijdse voorspoed voor zichzelf en anderen. Want wat is er mooier dan als vrienden met elkaar onze prachtige vechtkunsten beoefenen?

Twee wolven

Op verschillende sociale media blijft een plaatje opduiken van een roedel wolven met een inspirerende tekst. Helaas is het verhaal niet waar en ontkracht. De zwakkere wolven lopen niet voorop om het tempo te bepalen, zodat ze niet achterop raken. Het tegendeel blijkt waar: voorop loopt een sterke wolf die een weg baant door de sneeuw voor de andere wolven die volgen.

Nu moest ik wel direct denken aan een andere tekst over deze fantastische dieren. Gelukkig staan in dat verhaal geen feiten en wordt er alleen beeldspraak gebruikt. De afkomst van het verhaal is onduidelijk. Het wordt toegeschreven aan de Indianen, maar dit lijkt allerminst zeker.

Throw me to the wolves and I'll return leading the packHet is een krachtig verhaal over onze innerlijke strijd. De moed benodigd om te leven. Het vergt namelijk kracht om op eigen benen te staan. Er liggen altijd negatieve gedachten op de loer. Deze gedachten kunnen onze energie ontnemen en ons afleiden. Ze kunnen zelfs zo overheersend zijn dat ze leiden tot depressie.

Gelukkig hoeft het niet zo ver te komen. Door middel van bewustzijn en zelfcompassie kun je ruimte maken voor een krachtig bewustzijn vol energie. Wat je aandacht geeft, groeit.

Onze inspanningen en bewustzijn richten op waar het echt toe doet in het leven op dit moment. Met minimale inspanning een maximaal resultaat, seiryoku zen’yō. In balans zijn en daar vanuit leven. Dit draagt ook bij aan jita kyoei, wederzijdse voorspoed voor zichzelf en anderen. Iemand met een krachtig bewustzijn straalt zijn of haar kracht uit en kan andere mensen leiden. Geniet van het verhaal en denk goed na over jouw keuze.

Een oude grootvader leert zijn kleinzoon over het leven.

“Er woedt een gevecht in mij,” zei hij tegen de jongen. “Het is een verschrikkelijke strijd tussen twee wolven, een witte en een zwarte. De zwarte wolf is vol boosheid, afgunst, verdriet, spijt, hebzucht, arrogantie, zelfmedelijden, schuld, wrok, minderwaardigheid, leugens, valse trots, superioriteit en ego.” Hij vervolgde: “De witte wolf is vol vreugde, vrede, liefde, hoop, sereniteit, nederigheid, vriendelijkheid, welwillendheid, empathie, vrijgevigheid, waarheid, mededogen en geloof. Het is een eeuwige strijd. Hetzelfde gevecht woedt in jou – en ook in elke andere persoon.”

Even dacht de kleinzoon er over na en vroeg vervolgens zijn grootvader: “Welke wolf wint?”

De grootvader antwoordde simpelweg: “Degene die je voedt.”

Het is een mooi verhaal. Het is simpel en duidelijk, spreekt tot de verbeelding.

Of is het niet zo eenvoudig?

Moeten we echt kiezen voor het voeden van slechts een van de wolven? Kunnen we beide wolven voeden, zodat ze zich erkend voelen? Kunnen misschien beide wolven winnen? Moet er überhaupt een wolf winnen? Kunnen ze samen leven in harmonie? Is accepteren en compassie tonen niet veel beter dan laten verhongeren?

Een leven lang leren

Op Internet zijn er fantastische video’s beschikbaar van bekende en ‘oudere’ budoka die nog steeds een krijgskunst beoefenen. Ik heb enorm veel respect voor deze mensen. Veel van deze budoka zijn bewonderenswaardig, omdat er zoveel beleving en toewijding vanaf straalt.

Een heel mooi voorbeeld is de onderstaande demonstratie van een kata uit de kitō-ryū door Inoue-sensei. Het is het kata waarop Jigorō Kanō zijn koshiki-no-kata baseerde. Als ik de tachtig ben gepasseerd, hoop ik dat ik nog een dergelijk mooi kata kan demonstreren.

Op bovenstaande demonstratie is veel commentaar geweest. Sommigen maakten zichzelf belachelijk door te verkondigen dat dit de slechtste uitvoering van het koshiki-no-kata ooit was. Andere kritieken waren milder.

Helaas zie je vaker dat er veel negatieve kritiek is op dergelijke demonstraties. Ik ben een enorme voorstander van feedback. Helaas is het commentaar niet altijd gericht op het verbeteren van de ander en om er samen van te leren.

Daarom probeer ik altijd als ik commentaar heb op een kata om voor mezelf de afweging te maken: is het om te leren of om de ander naar beneden te halen?

Leren is natuurlijk prima als het op een respectvolle, opbouwende manier gebeurt. De ander naar beneden halen is een slechte eigenschap, waarschijnlijk voortkomend uit angst, jaloezie of onzekerheid.

Goede feedback geven en iemand vooruit helpen is uitdagend. Het is veel eenvoudiger het budo van anderen te bekritiseren, helemaal met droge voeten langs de kant. Ik geniet liever, zoals van het bovenstaande kata.

Ook het nage-no-kata van een andere bekende Inoue, de wedstrijdjudoka, vind ik fantastisch. Er valt altijd wel iets aan te merken. Echter, ik vind het fantastisch dat zo’n begaafd judoka kennis van kata demonstreert voor een groot publiek!

In deze blog wil ik pleiten om allemaal natte voeten te blijven halen. Het is veel beter feedback geven als jezelf nog actief op de tatami staat in hoeverre de gezondheid dit toelaat. Op deze wijze ervaar je keer op keer hoe uitdagend krijgskunsten zijn.

Daarnaast is het ook motiverend voor diegene die de feedback ontvangen. Ze zien dat de diegene met kritiek niet alleen er over praten, maar ook zelf doet. Ook al is het niet perfect. Het kan daarbij prima dat door bepaalde beperkingen of een andere specialisatie iemand een bepaalde waza of kata niet langer goed kan uitvoeren en desondanks geweldige feedback geeft.

Fukuda Keiko sensei
Fukuda-sensei komt uit haar rolstoel voor het demonstreren van een techniek

Het is een geweldig voorbeeld als een budoka ondanks zijn beperkingen actief is op de mat. Een leven lang leren. Continu blijven zoeken naar kleine verbeteringen. Niet alleen dit van andere judoka verlangen. Zelf het goede voorbeeld geven. Laten zien dat je ondanks dat je ouder wordt nog steeds kan oefenen met wellicht een paar beperkingen. Daarom zijn de filmpjes van ‘veteranen’ ontzettend inspirerend!

Ondertussen roepen we allemaal zo lang we trainen: “Mada, mada.” Het is een Japanse uitdrukking en betekent zoiets als: “Nog net niet helemaal.”

Fout!

Van de week las ik ergens een prachtig verhaal. Een verhaal waardoor ik kritisch naar mezelf keek en mogelijkheden voor verbetering zag. Mijn streven blijft namelijk jiko no kansei, het vervolmaken van onszelf. Het verhaal gaat over een juffrouw die haar klas de tafel van 9 leert.

Een juf staat voor haar klas en schrijft het volgende op:
1 x 9 = 7
2 x 9 = 18
3 x 9 = 27
4 x 9 = 36
5 x 9 = 45
6 x 9 = 54
7 x 9 = 63
8 x 9 = 72
9 x 9 = 81
10 x 9 = 90

Alle kinderen in de klas beginnen te lachen. De juf laat de kinderen lachen en vraagt aan een van haar leerlingen waarom ze moest lachen. Het kind antwoordt: “Juf, u heeft een fout gemaakt! De eerste som is fout.”

Daarna kijkt de juf de klas serieus aan. “De fout in de eerste regel heb ik bewust gemaakt om jullie iets te leren over de wereld. Ik schreef negen keer de goede uitkomst op, niemand van jullie erkende me daarvoor. Ik maakte een fout, en dat is wat jullie onthielden en om moesten lachen. Dus dit is mijn les: de wereld kijkt niet naar alles wat je goed doet, al doe je dat honderden keren. Waar de aandacht naar uitgaat is wat je verkeerd doet, over het hoofd ziet of ‘fout’ doet.”

Uit het verhaal heb ik twee wijze levenslessen kunnen halen. Als jullie er nog andere mooie lessen uithalen, laat ze vooral achter in de reacties. Hieronder de wijze lessen die ik eruit heb gehaald.

Positieve communicatie

De eerste les is vooral gericht op mijn communicatie met anderen. Ik ben een perfectionist in sommige opzichten. Als ik kata of waza bestudeer, dan zie ik altijd wel een detail wat beter kan. Wat ik vervolgens graag benoem.

Als ik mijzelf bekritiseer in mijn hoofd, ken ik mezelf langer dan vandaag. De feedback kan ik op de juiste waarde schatten en goed verwerken. Ongeacht of die positief of negatief wordt gedacht. Ik weet dat er ook een hoop goed is en dat neem ik voor lief zonder te benoemen.

Bob Ross
Lastiger en interessanter is mijn communicatie naar anderen. Als leraar, coach, opvoeder (lees: mens) heb je een grote invloed op de mensen die naar jou luisteren. Vooral de mensen die in mijn ogen talent hebben, wil ik nog wel eens op dezelfde manier benaderen als mezelf. Alleen de fouten benadrukken en onvoldoende benoemen wat er goed gaat.

Uit onderzoek blijkt dat vijf complimenten hetzelfde effect hebben als een negatieve opmerking. Nou geloof ik niet echt dat er een kwantificeerbare relatie bestaat tussen positieve en negatieve feedback, maar wel dat een negatieve opmerking vaak eerder wordt onthouden en een grotere impact heeft dan een compliment.

Vraag maar eens na afloop van een examen aan iemand wat er allemaal goed is gegaan en wat beter had gekund. Grote kans dat iemand vooral benoemt wat beter kon en veel harder moet nadenken wat er goed ging.

De les die ik eruit haal is om vooral gevraagd feedback te geven of als het echt waarde toevoegt voor de ander en opbouwend is. Bij het geven van feedback wil ik naast eventuele fouten, ook de positieve punten benoemen. De komende tijd ga ik onderzoeken of ik dit nog meer kan toepassen.

Het accepteren van kritiek

Daarnaast is de tweede wijze les die ik eruit haal dat je kritiek niet altijd persoonlijk moet opvatten. Het is een cliché, maar soms zegt het meer over de ander, dan over jouzelf. Bedenk daarom eerst of het opbouwende kritiek is. Zo ja, kijk dan hoe je dit kunt gebruiken om ervan te leren. Wees daarbij oprecht naar jezelf, want fouten zijn de beste leraren. Als het niet opbouwend is, laat het dan direct los.

Iemand die nog nooit een fout heeft gemaakt, heeft nooit iets nieuws geprobeerd.Albert Einstein

Sta boven de kritiek van anderen. Blijf jezelf. Luister er naar en kijk of je het kunt gebruiken voor jiko no kansei, het vervolmaken van onszelf. Accepteer ook dat kritiek andere keren niet bruikbaar is en laat het los. Bovenal blijf in jezelf geloven en reflecteer ook regelmatig wat je allemaal ‘goed’ doet.

Talenten met smoesjes

“Het wordt een duel tussen een geniale man, eigenlijk een beetje ijdel, en een gewone man die zijn talenten tot het uiterste heeft geslepen. Niet waar?”
“Ik zou Musashi niet gewoon willen noemen.”
“Maar hij is gewoon. Dat is wat hem buitengewoon maakt. Hij is niet tevreden met vertrouwen op welke natuurlijke talenten hij dan ook mogelijk bezit. Wetende dat hij gewoon is, probeert hij altijd zichzelf te verbeteren. Niemand waardeert de pijnlijke inspanningen die hij heeft gedaan. Nu zijn jaren van training uitmonden in spectaculaire resultaten, spreekt iedereen over zijn ‘door God gegeven talent’. Dit is hoe mensen die niet hard hun best doen zichzelf geruststellen.”
Musashi (Eiji Yoshikawa)

Bovenstaande citaat komt uit een van mijn favoriete boeken. Een roman van net geen duizend pagina’s over het leven van een samoerai die de Weg van het zwaard zoekt.

De sterke passage is voor mij een uitnodiging tot nadenken over mijn inspanningen. Het is soms gemakkelijk om iemand die iets bereikt heeft geluk of talent toe te dichten. Daarna probeer ik mezelf eerlijk de vraag te stellen, heb ik het niet ergens laten liggen?

Lees verder Talenten met smoesjes

Henk Grol. Dit is wat het is.

In mijn vorige blog over Henk Grol was ik erg kritisch over zijn ‘verslaving’ voor competitie. Ik hoopte dat hij kon genieten van zijn laatste Olympische Spelen. Ook een gouden medaille gunde ik hem van harte, echter mocht het niet zo zijn. De tweevoudige winnaar van een bronzen medaille in Londen en Beijing verloor zijn tweede partij.

Bij de uitschakeling van een Nederlandse judoka was de NOS er elke dag als de kippen bij voor een interview. Doordat de interviews snel op de wedstrijden volgden als de judoka geen medaille won, resulteerde dit in bijzondere interviews vol emotie.

Roy MeyerWe zagen een huilende Marhinde Verkerk en Noël van ‘t End, een geschrokken Kim Polling die er “niet meer in kwam” en de altijd nuchtere Roy Meyer. Uiteraard was er ook een interview met Henk Grol na zijn uitschakeling.

Zijn interview kan vanuit meerdere opzichten worden bekeken. Veel van de kritiek uit mijn vorige blog bevestigt Henk namelijk in zijn interview. Echter, bekritiseren is gemakkelijk. Zeker van achter een laptop. Ik heb deze keer anders gekeken. Er waren veel positieve aspecten in dit mooie interview.

Toen ik nog een kleine jongen was en ik zag enge dingen op het nieuws, zei mijn moeder altijd: “Zoek naar de helpers. Er zijn altijd mensen die helpen.”
Fred Rogers

Henk Grol was open en eerlijk. Oprechtheid is een belangrijke deugd voor de budoka. Ik kreeg er kippenvel van. Hij zat er doorheen. Was er kapot van. Een man die zijn hele leven heeft gegeven aan één droom, ten koste van zijn lichaam en geest, en er helemaal klaar mee is. Toch nam hij de tijd voor een openhartig interview.

Ik voel mij gewoon klote. Ik heb hier mijn hele leven aan gegeven. De afgelopen vijftien jaar heb ik hier dag en nacht voor geleefd. En dat ga ik ook nooit meer doen. Fysiek en geestelijk ben ik kapot. Mijn lichaam wil ook niet meer, het is gewoon klaar.
Henk Grol

Het vergt veel zelfbeheersing om het Olympisch niveau te behalen, blijkt uit zijn woorden. Grol zegt dat hij het niet van zijn talent moest hebben en alleen op wilskracht zo ver is gekomen. Elke dag trainen voor één doel. Keihard werken onder de druk die hij zichzelf oplegde. Dat is misschien doorgeslagen en onverantwoord, maar tegelijkertijd bijzonder knap.

Het is ook bewonderenswaardig hoe Henk Grol het zoveel mogelijk bij zichzelf houdt. Niet de scheidsrechter bekritiseren voor een onterecht strafje of andere omstandigheden de schuld geven. Hij heeft een verkeerde keuze gemaakt. Alleen hij. Niemand anders. Hij gaat niet zielig lopen doen, zoals hij het zelf zegt.

Henk neemt zelf verantwoordelijkheid voor zijn acties. Jigorō Kanō zei: “Neem het initiatief in alles wat je onderneemt.” Grol doet het. Misschien zelfs wel te kritisch en hard naar zichzelf. Het voordeel is dat hij op deze manier binnen zijn cirkel van invloed blijft en geen slachtoffer is van de omstandigheden.

Zijn kritische zelfreflectie voor de camera vergt veel moed, ook een deugd van de budoka. De reflectie slaat soms een beetje door naar het negatieve. Begrijpelijk na de teleurstelling dat zijn Olympische droom over is. Het volgen van deze droom heeft ook enorme moed gevergd. Dit komt mooi naar voren in een nummer van zijn jeugdvriend Kraantje Pappie met een geweldige videoclip over Henk Grol. Nog twee deugden, eer en vriendschap.

Nu neemt Henk Grol vier maanden rust. Verdiende rust, zodat zijn lichaam en geest kan herstellen. Een moment van bezinning.

Ik ga vier maanden goed nadenken over wat ik wil. Ik ga niks doen en kijken of ik nog zin heb.
Henk Grol

Henk Grol zegt dat hij maximaal nog een jaar gaat judoën. Ik hoop dat hij nog zin heeft en dat niet letterlijk doet. Laat hem terugkijken op een bijzondere periode waarvan hij veel heeft geleerd. Nu opent een nieuwe deur. Judo, een leven lang. Verdiepen in wat judo nog meer voor iemand kan betekenen, behalve gouden medailles. Het verdiepen in alle mooie aspecten van het judo en dit overbrengen op anderen. Door het toepassen van judo in het dagelijks leven de rust vinden in de onwijs vrolijke gozer die hij is en volop genieten van het leven. Dat is wat het is.

Handvatten voor de beginnende judoka (deel 2)

Vorige week in Handvatten voor de beginnende judoka (deel 1) heb ik de eerste vier handvatten gegeven voor de beginnende judoka. Uiteraard kan ook de gevorderde judoka hier zijn voordeel mee doen, zoals terecht werd opgemerkt in de reacties.

In deel twee deze week nog eens vier handvatten die belangrijk zijn voor de serieuze judoka. Uiteraard zijn er veel meer te bedenken, dus laat vooral ook jouw handvatten achter in de reacties (of begin een eigen blog). Als judoka helpen we elkaar graag.

5. De basis is het allerbelangrijkste

Je kunt niet leren lopen, voordat je kunt staan. Soms wil een judoka wel leren werpen, voordat hij kan valbreken. Dit remt het leerproces. Echter, met worpen en technieken werkt het precies hetzelfde.

If you can't do it slow, you can't do it fastJe kunt beter eerst jouw aandacht richten op het leren werpen met een goede uki-goshi en o-goshi, voordat je serieus gaat werken aan een uchi-mata. Dit omdat het eenvoudiger werpen is op twee standbenen, dan op een standbeen. Doe het langzaam en richt je aandacht op de principes van het judo en niet het resultaat (zie handvat 2 vorige week). Salto’s vanuit schouder- en beenworpen zoals Zantaraia zijn gaaf, maar niet belangrijk voor de beginner.

Op de grond is het precies hetzelfde. Leer eerst de belangrijkste posities verdedigen en ontsnappen naar het betere controleren van de andere judoka. Dit is in het begin veel belangrijker dan allemaal ingewikkelde armklemmen en verwurgingen. Te vaak zie ik judoka een armklem of verwurging maken, terwijl ze geen controle hebben. Vervolgens maakt de andere judoka daar handig gebruik van en moeten ze aftikken.

Leer eerst de basis en herhaal deze eindeloos. Ook een zwarte band judo, keert continu terug naar de basis. Als je een stevig fundament bouwt en onderhoudt, kun je beginnen met bouwen. Dan kun je werken aan gevorderde technieken.

6. Train met gevorderde judoka

Vroeger kende ik dōjō (trainingszalen) waarbij een ‘lagere’ judoka geen ‘hogere’ judoka mocht uitnodigen. Tegenwoordig is dit (bijna) nergens meer, dus adviseer ik het uitnodigen van een gevorderde judoka.

Toen ik begon met judo was ik negen jaar en erg klein voor mijn leeftijd. Ik zat bij allemaal hogergegradueerde judoka die groter en sterker waren. Bijna allemaal zaten ze al veel langer op judo. Dit was geweldig!

Enerzijds kon ik alleen werpen met goede techniek, want mijn kracht maakte niet veel indruk bij deze grote gasten. Anderzijds kon ik enorm veel leren van de andere judoka, want zij wisten veel meer dan ik. Je kunt van iedereen leren, maar het helpt als de andere judoka meer kennis en ervaring heeft.

Misschien lijkt het soms aantrekkelijker trainen met een andere beginnende judoka. Sommige denken dat zij dan niet afgaan en ze kunnen ook eens ‘winnen’. Echter, het heeft twee nadelen.

Beginners blesseren elkaar sneller. Een gevorderde judoka kan letten op de veiligheid. Hij kan jou goed werpen en zichzelf redden met correcte ukemi-waza (zie handvat 3 vorige week). Een beginnende judoka moet dit allebei nog leren.

De meester heeft vele malen vaker gefaald, dan de leerling heeft geprobeerd.
Stephen McCranie

Daarnaast kan een beginner minder goed corrigeren. Een gevorderde judoka kan als een goede uke jou erop wijzen als je de judoprincipes niet goed toepast. Uiteraard is dit veel lastiger voor een beginnende judoka, die zelf ook nog zoekende is.

Over het afgaan voor een andere judoka hoef je overigens niet bang te zijn. Als jij bij een goede judoschool traint met goede judoka, dan willen zij graag helpen. Deze judoka waren ook ooit beginner, dus zij weten hoe uitdagend dit kan zijn.

Train vooral met gevorderde judoka. Zij kunnen beter de veiligheid waarborgen en helpen met het leren toepassen van de judoprincipes. Dit bevordert het aanleren van goede gewoontes.

7. Laat jouw ego eerst aftikken

Misschien is de grootste bedreiging voor voortgang het ego. Het ego kan voorkomen dat we openstaan voor leren. Ik schreef hier al eens eerder over in Too much ego will kill your talent.

Het probleem van het ego kan zijn dat we moeten winnen. Dit resulteert dat we gaan focussen op het resultaat (zie handvat 2 vorige week) en dat werkt averechts.

Ego is just like a dust in the eye. Without clearing the dust you can't see anything clear. So clear the ego and see the world.Als ik bijvoorbeeld in een randori de andere judoka met veel kracht tegenwerk, voel ik weinig van de souplesse van zijn kuzushi (balansverstoring). Daarnaast kan ik minder goed de situatie overzien, omdat mijn hoofd en lichaam bezig is met winnen. Ik mis deze momenten om van te leren, doordat mijn ego druk is.

Het is wel een mooie kans om te leren omgaan met het ego, een van de grote voordelen van vechtkunsten.

Het kan ook de andere kant op werken. Als het ego bang is voor falen, kan dit leiden tot terughoudendheid in de training. Je durft niet alles te geven, bang voor afkeuring of dat je het nooit gaat leren. Dit komt vaak omdat je jezelf met anderen vergelijkt, terwijl je moet kijken naar jouw eigen voortgang. Je moet niet de beste zijn, je wilt beter zijn dan je gisteren was.

Vergelijk jezelf niet met anderen, maar kijk naar jouw eigen voortgang. Ontwikkel je jezelf lichamelijk en geestelijk? Raak niet gefrustreerd, maar accepteer jouw ego. Het leren omgaan met jouw ego is ook een mooi streven binnen het judo.

Een mooie website met meer tips over dit onderwerp is SportMindset.nl. Hier staan tips voor de juiste mindset voor het goed ontwikkelen van jezelf.

Dus laat je ego aftikken voordat je de dojo binnenstapt! Dan kun je veel meer geniet van judo en ontwikkel je jouw lichaam en geest sneller.

8. Leer de principes van judo

Judo is meer dan een sport. De uitvinder van judo, Jigorō Kanō, zag judo als ontwikkeling van lichaam en geest. Kanō legde een sterke nadruk op de morele componenten van judo. Dit was voor hem veel belangrijker dan het leren van de waza.

Daarom kan de beginner ook veel leren door het lezen van artikelen van Kanō. Je leert hierdoor veel over de rijkheid van judo.

Het begint met het leren van de reishiki (etiquette) in de dojo. Zoals de verschillende buigingen uit eerbied voor elkaar, het dragen van een schone, witte judogi en de omgang met andere judoka. Dit kun je afkijken en vragen binnen jouw judoschool, maar ook de blog van Mitesco en het boek In The Dojo van Dave Lowry zijn mooie bronnen.

Judo biedt alleen zijn meerwaarde door het naleven van de deugden die erbij horen. Je komt niet alleen om even een ‘tegenstander neer te knallen’, maar we willen samen ontwikkelen. Hierbij horen deugden zoals beleefdheid, moed, vriendschap, zelfbeheersing, oprechtheid, bescheidenheid, eer en respect. Zonder deze deugden is judo inderdaad alleen een sport.

Daarnaast is kennis van de judoprincipes noodzakelijk. Het begint met het toepassen van seiryoku zen’yō (maximaal resultaat met minimale inspanning) en jita kyōei (wederzijdse voorspoed voor zichzelf en anderen) tijdens de judotraining.

Vervolgens is deze principes toepassen in het dagelijks leven de kunst. Het uiteindelijk doel is jiko no kansei, de perfectie van de eigen persoon. Mind over Muscle van Jigorō Kanō zelf is een fantastische bron als startpunt. Ik heb ook een artikel over Bewuster leven met judoprincipes geschreven.

Wil je echt judo beoefenen? Verdiep je volledig in judo en leer de principes, deugden en etiquette. Pas dit allemaal toe in judo en het dagelijks leven. Je wordt uiteindelijk een beter persoon en kunt bijdragen aan voorspoed voor jezelf en anderen. Het ultieme doel van judo.

Tot slot

Deze handvatten zijn erop gericht dat je duurzaam judo leert. Niet voor een blauwe maandag een paar trainingen judo, maar ik wil je inspireren tot een leven lang judo.

Het bestuderen van judo houdt nooit op. Het continue ontwikkelen van lichaam en geest op basis van seiryoku zen’yō, jita kyōei en jiko no kansei. Zelfs als je lichamelijk niet meer kunt trainen, kun je geestelijk nog altijd judoën.

Dus ga lekker aan de slag en geniet van deze prachtige weg. Richt je vooral op de weg en geniet van het uitzicht. Dan kom je vanzelf op natuurlijke wijze bij het resultaat. Vergelijk jezelf niet met anderen, maar wordt elke dag beter dan je gisteren was.

Als er inspanning is, is er vervulling.
Jigorō Kanō

Hopelijk helpen deze handvatten tot het worden van een goede judoka met veel plezier en liefde voor het judo een leven lang. Als je nog vragen hebt, laat het weten in de reacties of via het contactformulier. Heb je zelf nog goede handvatten, voeg ze dan zeker toe in de reacties. Tot op de tatami!